woensdag 6 februari 2008

BACK TO THE DAILY LIVING,

dacht ik gisterenavond, toen ik terugliep naar huis, langs verlaten winkels en een paar druk bezochte cafes. Op straat lagen van die prutjes. Ja, ik weet niet hoe ik het noemen moet, spuitbusslierten die plakken en kleuren hebben waar je ogen pijn van gaan doen als je er te lang naar kijkt.

Van een geprobeerde, objectieve afstand, bekeek ik 's middags, toen ik naar het station liep, het fenomeen carnaval. De ridders, apen en sneeuwwitjes liepen, waggelden en hosten langs mij heen, van het ene cafe naar het andere cafe.
Als je andere dingen aan je hoofd had, zoals werk of prive sores of gewoon dingen die niets baldadigs met zich meedroegen, dan was carnaval maar een raar feest.

Het had natuurlijk een katholieke achtergrond, en ik kon ook gaan bedenken dat de brabander 'iets' heeft met carnaval, vooral als je van kleins af aan bent opgegroeid met carnavallende ouders die ook liepen, zwalkten en hosten van cafe naar cafe, terwijl dochterlief het biljart al ontdekt had en besloot dat zij vanaf dat podium best een publiek kon trekken die haar zang- en danstalenten konden aanschouwen.

Drie jaar geleden was de laatste avond carnaval. In een hutjemutje tesamenzijn met het condens dat van de ramen van boven naar beneden liep in een druk danscafe en ik alle mannen giraffen, dracula's en zorro's van me af moest duwen terwijl ik van een enkele baco al rondtolde.

Ik was G.I K, met dogtag, waar de mannen giraffen, dracula's en zorro's als bijen op de bloemen af kwamen want daar was vast wel een telefoonnummer op te vinden. Helaas, ook met carnaval, vooral met carnaval was ik niet van plan om zo snel ook maar een helder uitziende giraffe mijn telefoonnummer te geven.

Ik was dit jaar bloemetjesgordijn. Dat kwam omdat ik dat lied vorige week al niet meer uit mijn hoofd kreeg en besloot te gaan leren aan de kinderen in m'n groep. Met een groot laken met een gat erin liep ik vervolgens rond. De kinderen hadden er prachtige bloemen met textielverf op gekladderd. Het was helemaal 'af'.

Carnaval is met mijn jeugd meegegaan in een herinneringsdoos die normaal gesproken onder mijn bed verdwijnen zou en eens in de zoveel tijd eronder vandaan kwam om nog eens te bekijken. Ik denk dat carnaval niet uit te leggen is aan mensen boven de rivier. Ik ga het ook niet doen.

Geen opmerkingen: