zaterdag 14 april 2007

MEMOIR OP EEN BIJZETTAFEL:

1985

Ze zat in een overvolle aula en las een boek. In de pauze was het eigenlijk vragen om moeilijkheden als je in een hoekje ging zitten om een boek te lezen. Dat was uiteraard niet cool. Eigenlijk was het cooler om gewoon sjekkies te pikken van je buurman en naar buiten te rennen, om ze daar, om het hoekje van de school, op te roken.
Ze dacht ook dat als ze in een hoekje een boek ging lezen, zij dan niet gestoord zou worden. Vooral omdat ze waarschijnlijk niet op zou vallen. Ze was klein, iel en lelijk. De jongens zouden meer interesse en aandacht hebben voor de hockeybabes die giechelend in een ander hoekje stonden te draaien om hun as. De Oilily en NafNaf meiden. Het merkvolk.
De een bietste lipstick van de ander om het met een spiegeltje zo op haar mond te doen dat ze ook uitzicht had via de reflectie van de spiegel naar de groep opgeschoten jongens die in een uiterst serieuze wedstrijd pingpong verwikkeld waren.
Er stond opeens een hele grote jongen voor haar neus.
"Hey, ben jij nieuw?" Hij tikte met zijn Nike tegen de onderkant van haar laars. Ze keek verlegen op en wilde netjes antwoorden maar hij was haar al voor.
"Brugwuppie!" en lachte een enorme harde lach die iedereen liet opkijken.
Ze schoof haar bril weer op haar neus. Bekeek de hele grote jongen en besloot maar niets te zeggen. Ze keek naar de blonde hockeymeiden die giechelend naar haar keken. In hun blikken zag ze een vervelend soort afkeuring. Ze bekeken haar laarzen, haar broek, haar trui en bleven steken bij haar gezicht. Ze legde een plukje haar achter haar oor en zag toen dat de meiden in lachen uitbarstten.
Toen de zoemer ging liep ze mee met de rest. Ze had wel gezien wie een beetje in haar klas hoorden, maar verder leek het alsof ze dwalend door de lange holle gangen liep zonder te weten waar te eindigen. Het vierde uur had ze economie. Als ze kon zat ze achterin. Ze zocht altijd een plekje achterin. Dan staarde ze vervolgens naar de hokjes in haar schriftje, knikte mee met de rest, schreef wat op en keek naar buiten.
Buiten was alles anders. Hier, in dit muffe klaslokaal, met al die onbekende kinderen, de leraren die perse wilden dat het huiswerk af was, en het verkrampte gevoel in haar vingers van het vasthouden van haar ballpoint, de opkomende, kloppende hoofdpijn bij haar rechterslaap, haar droge mond waar een kriebelhoestje zat te plagen, was het hel op aarde.

Geen opmerkingen: