die zo weleens door mijn hoofd gaan. Als zoete fluisteringen. Laatst fietste ik langs het ziekenhuis en bedacht me dat er telkens exposities hingen van mensen die iets geschilderd hadden of gefotografeerd en dat ik ineens zei, als in een ongecontroleerde gedachtekronkel, 'Waarom ga ik daar niet een keer mijn werk hangen?' Een plek als een ziekenhuis was vol onrust en zorgen. Waarom daar niet iets aan de muren laten hangen wat zou opvrolijken? Of op andere gedachten brengen? Afleiding?
Dat het idee dat soms al jaren in mijn gedachten zit, in mijn hart eigenlijk, er niet voor niets is en blijft. Vooral dat laatste. Het idee, de gedachte, de droom, blijft ronddwarrelen in mijn hoofd.
Gisteren sprak ik een hele avond met iemand. Over dromen. Dromen vangen. Dromen zien. Dromen uitspreken. Durven dromen. En er dan iets mee willen. We zaten bij het eetatelier in Arnhem en spraken over wensen en hoe je misschien toch, met je dromen, iets kan bewerkstelligen. Een gedachte die niet weggaat met de wind is toch een kriebel in je buik waar je aandacht moet schenken. Vooral als je dreigt vast te lopen in patronen als bureaucratie en het vele 'moeten'.

Ik ging vol energie naar huis. Het was al laat, tegen half elf, toen ik de trein instapte naar huis waar ik verder kon broeden op alles wat mij ter oren was gekomen en wat zij me had kunnen aanreiken met haar visie en inzicht, maar misschien ook wel omdat ze er met een afstandje naar kijken kon, en die dingen wist te benoemen of eruit te pikken waar ik verder over zou moeten nadenken.
En dat is wat ik de komende tijd ga doen. Want het roer moet om. Mijn hart uit mijn hoofd en weer voelen met de buik.
Het zijn de verbindingen ...
Geen opmerkingen:
Een reactie posten