ZOEKEN:
De man struinde eerst nietsvermoedend langs alle fietsenrekken. Het was na zessen maar nog steeds stond het hutjemutje vol.
Nadat hij fluitend langs rij een gewandeld was en toen rij twee, gingen zijn wenkbrauwen al verder naar beneden.
Hoe kon dat nou?
Rij drie dan maar. Hij streek verward door zijn haren, zette zijn iPod zachter en dubde.
Waar stond die fiets nou?
Hij liep weer terug. Begon opnieuw. Langs rij een. Rij twee. Rij drie.
Na tien minuten zuchten, haren wrijven, handen in de zij en rondjes draaiend zag hij hem.
Zijn fiets.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten