ER KWAM EEN EMAIL,
dat zij de tas wel wilde kopen. Voor een prikkie. Ik had de tas alvast schoongemaakt, de oude bonnetjes verwijderd. Gladgestreken. Netjes gemaakt.
Er werd kort onderhandeld over de prijs. Maar de prijs was snel duidelijk. Zij wilde erg graag de mooie tas, en ik wilde even de tas niet meer opsturen, maar bij me houden, maar wist dat ik hem amper gebruikte, dat iemand anders er zoveel meer plezier van zou ondervinden. Er werd een bedrag overgemaakt.
Soms worden spullen een soort van vriendje. Ze gaan met je mee, eventjes, op reis, overal naartoe. Beleven dingen. Krijgen een herinnering. Worden ook een beetje ouder, rimpeliger, gaan stuk soms. Ik zeulde het ding mee op m'n dagelijkse route van huis naar werk en terug. Soms een weekendje weg. Bij nieuwe vriendjes ging de tas mee naar een nachtje slapen. Lag het soms in een nieuwe slaapkamer naast een stoelpoot, op een dik tapijt. Werden er spullen in gelegd en uit gehaald.
Bij het postkantoor kocht ik een kartonnen doosje, stopte samen met de mevrouw achter het loket in blauw kostuum (wat me verwonderde, want alles was nu toch ineens zwart en oranje) de tas in de doos. Krabbelde haar naam en adres erop.
Ze was een totale vreemde aan de andere kant van het land. En als ik het pakketje sluiten zou, het betaald had, dan zou binnen een dag iemand met mijn oude, mooie tas rondlopen.
Ik aarzelde even en zei ineens: 'Wacht.'
Schreef op een geel stukje papier, dat nog in m'n agenda zat, 'ik wens je er net zoveel plezier mee, als dat ik ermee heb gehad.'
Ze kreeg haar Freitag op vrijdag.
Dag tas.
Dag stukje tijd.
Amos Lee - Ain't No Sunshine
Geen opmerkingen:
Een reactie posten