zaterdag 24 januari 2009

Kijk om, en loop weer door. deel 7.

Als ik uit school kwam wilde ik eerst, na sap en een koekje, naar mijn verkleedkist. Er lag een poncho in. Ik gooide hem niet over mijn hoofd om hem te dragen over mijn schouders, maar maakte er een rok van. Dan kon ik zwieren voor de spiegel of voor de televisie. Om mijn hoofd wierp ik een lange sjaal die mama achter bijeen bond zodat het voelde alsof ik heel lang haar had.

Ik was een dame. Een danseres. Een zangeres. Een entertainer. Een grappenmaker. Een vrolijke. Een expressieve. Een meisje.

polaroid.


Bij oma trok ik de oude hakpumps aan, pakte de jaren dertig hoed met veer en drapeerde een sjaal om mijn schouders en liep met versleten leren handtas door de kamer.

Ik was een actrice. Een toneelspeler. Een fantasierijke. Een meisje.


Op het speelplein bij oma en opa woonden jongere kinderen. Zij kwamen op bezoek en zaten in een halve cirkel terwijl ik opvoerde. Vertelde. Dramatiseerde. Inleefde.

Ik was een tantetje. Een jonge griet. Een goedlachse. Een troela.

Geen opmerkingen: