
Vannacht rinkelde mijn mobieltje. Het was een schel geluid in de stille kamer. Toen ik opnam, in de woonkamer, zag ik wel dat het overdag was; de woonkamer was helder en buiten scheen licht. Ook mijn moeder liep rond. Terwijl ik opnam en luisterde naar de vrouwenstem aan de andere kant van de lijn, liep mijn moeder heen en weer en sprak me aan. Ik gebaarde dat ik even wilde luisteren, ik was aan de telefoon. De vrouwenstem aan de lijn vertelde me dat zij van het cultureel centrum was en graag eens wilde afspreken, en verder kwam ik niet want mijn moeder vroeg wederom mijn aandacht. Ik raakte een beetje geirriteerd en liep naar de gang om het telefoongesprek beter te horen. Maar mijn moeder stond even later bij me in de gang en praatte tegen mij. Ik kon niets meer horen van het gesprek en liep naar de keuken en sloot de deur. De vrouwenstem vervolgde haar gesprek. Zij vertelde dat zij werk voor me had en of... en toen werd de verbinding verbroken.
Ook reisde ik terug naar mijn oude werkplek. Ik liep naar binnen en was opeens weer buiten waar mijn oude groep kinderen aan picknicktafels zaten te eten. Ik schoof aan. Schuin tegenover me zat een jongetje (die in het leven van nu al lang naar de basisschool gegaan is) naar mij te kijken. Ik herkende hem meteen. We wisselden een blik van verstandhouding. Hij keek toen naar rechts, of zijn leidster het niet zag, stond toen op en liep naar me toe. Ik was op mijn hurken gaan zitten en liet toe dat hij me een dikke knuffel gaf.
Ik weet verder weinig van droomduidingen. Dat ik het interessant blijf vinden is een feit. Het enige dat ik weet is dat ik die knuffeldromen zeer koester. Op de een of andere manier zweef ik dagen later nog op aarde.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten